Open brief aan Ted Brandjes

Ted,

Ted. Het roept associaties op met een man met karakter, Ted Roosevelt. Natuurlijk met de befaamde Ted Talks, het platform voor mensen met ‘Ideas worth spreading’. En, misschien een wat ongelukkig voorbeeld na dat onfortuinlijke voorval in Chappaquiddick, maar toch een man met een ontegenzeggelijk karakter, Ted Kennedy. Je naam plaatst je in ieder geval in een illuster karaktervol gezelschap. Je moeder had misschien een wrang gevoel voor humor? Laten we het erop houden dat ze niet vooruitziends was. Anders had ze je misschien wel Willem, of Cor, of Johan genoemd. Het meest waarschijnlijk echter is dat ze je had afgestaan.

Maar laat ik je eerst even voorstellen, het is per slot van rekening een open brief.

Who the fuck is Ted Brandjes?

T.L.R. Brandjes, ca. 170 cm, minimaal 110 kg. Voormalig partner bij een bureau dat als tussenpersoon verzekeringen aan de man brengt. Lid van de Rolls-Royce Vereniging. Nu eigenaar van twee ‘bedrijven’/websites die zijn opgericht om MKB-entrepreneurs in moeilijkheden ‘te helpen vlottrekken’. Melenkurion en Ondernemer in Nood. Ik vermeld deze maar even als hyperlinks want mochten er suïcidale ondernemers in nood bestaan die dit lezende alsnog mochten besluiten met jou in zee te gaan kan men jou hier ten minste vinden. Overigens kan ik deze ondernemers aanraden hun licht eens op te steken bij de levenseindekliniek: schoner, sneller, efficiënter en veel, veel pijnlozer.

Maar terug naar jou Ted: ik heb je in de afgelopen 30 jaar leren kennen een fixer, een tussenpersoon zonder noemenswaardige kwaliteiten maar met een vlot verhaal. Komt bij de eerste ontmoetingen recht-door-zee en amicaal over.

Ted Brandjes belooft je van alles uit de grond van zijn hart, om maar niet te spreken over de betalingen die hij aan je zal doen op gespecificeerde data, om dan vervolgens deze niet na te komen. Niet 1 keer, niet 2 keer, maar al ruim twee en half jaar lang niet.

De excuses die je daarbij verzint verdienen zeker een vermelding: alles van niet-betalende debiteuren, een zwaar tegenvallende schenking van je goede moeder, tegenwerkende zussen die het uitbetalingsproces ernstig frustreerden, je moeder die plotseling op sterven lag en toen miraculeus herrees, je plotselinge diagnose van diabetes en je eigen ‘rise from the ashes’ tot aan een aanval van slingerschijt is de revue inmiddels gepasseerd.

Zo schroom je ook niet (in een vlaag van wroeging) de hand in eigen boezem te steken, getuige dit appje.

Niet dat dit ergens toe geleid heeft, maar toch lijkt het erop dat je nog een vleugje geweten hebt. Dat je, als het echt op betalen aankomt, echter net zo makkelijk weer de kop indrukt.

De pauw pronkt

Ons eerste project samen: Bastiaan Ragas’ carrière in Duitsland weer een boost geven. Je had toen dringend iets nodig. Een document ter positionering van Bastiaan, voor de financiers van het project. Daar kon ik je bij helpen. Helpen wel te verstaan, want de hoofdrol was immers weggelegd voor Ted the Man himself. Dat kwam pijnlijk naar voren toen je tijdens de presentatie van het (geheel door mij) geschreven stuk aan een enthousiaste Bas en zijn vrouw Tooske de credits naar je toe trachtte te trekken. Op zich nog best te verkroppen, mijn vak staat immers bol van kale pauwen die het van andermans veren moeten hebben. De door de wol geverfde hoer die ik ben dacht immers enkel aan de pay-out. Wat een koude kermis toen bleek dat jij Bastiaan al had toegezegd dat ik het voor niks zou doen. Alles wat mij restte was een serie vuige knipogen van jou toen Bastiaan dit tussen neus en lippen tegen Tooske liet vallen. Nee, daar kan ik een welverdiend broodje Surinaamse pindakaas voor kopen.

Mijn mecenas

Iemand bij zijn gezonde verstand had hier ongetwijfeld de handdoek in de ring gegooid, maar de genoemde, inmiddels nagenoeg aan lagerwal geraakte hoer in mij ging met je andere projecten in zee. Je wierp je immers op als mijn mecenas die mij door de donkere dagen van mijn Parkinson heen zou helpen. Gouden Bergen lagen in het verschiet. Introductie na introductie volgde, het werk stapelde zich op. Ik noem er een paar: Frits Landesbergen en zijn self-proclaimed protegé Francesca Tandooi, een niet nader te noemen door stoere mannen gerunde vrouwenlingerie keten in Rotterdam en omstreken, een ‘marketer’ die van mening was zonder marketing Rituals van de troon te kunnen stoten, ’s werelds beste percussionist en niet te vergeten Nederlands ongekroonde onderbroekenkoning. Het kon niet op. En ik? Ik ging er als een blij kind in mee.

Voorstel na voorstel stierf echter een stille dood of sneuvelde wegens gebrek aan executie. Jouw forte toch? Maar het enige waar jij toe in staat bleek is tegen deze mensen met je beschuldigende dikke vinger naar mij te wijzen. O ja, en mij te verbieden nog verder met deze mensen in contact te treden, op straffe van dwangsommen en rechtszaken.

Teds piramidespel

Je had intussen snel geld nodig, met de nadruk op snel. Toen ik onze zakenrelatie Wolfgang Behonek langs mijn neus weg eens vroeg of hij inzicht had in de hoeveelheid crediteuren die jij rijk was, was zijn doodserieuze antwoord ‘een flat vol’.

Dus schreef je een aantal financieringsprojecten uit waarbij je het liet voorkomen dat de investeerders ofwel in Bastiaan Ragas, Hoogkamer Assurantiën of een hotel van Eddy Keur in Portugal konden investeren. Achteraf waren er vier zaken opmerkelijk:

1. je stond persoonlijk garant voor mijn inleg. Mocht er iets fout gaan zou je mijn inleg uit je eigen spaargeld terugbetalen

2. de rendementen waren aanlokkelijk hoog (50%),

3. de investeringsbedragen moesten op jouw persoonlijke rekening gestort worden

4. de Hoogkamer en Portugal investeringen zouden binnen enkele maanden uitbetaald worden.

Ik heb je er inmiddels vaak van verdacht – een verdenking die met de dag sterker wordt – een malafide soort piramidespel 2.0 te hebben bedacht waarbij mijn investeringen aan jouw strijkstok zijn blijven hangen. Jij moest immers de winter door.

Het werkt volgens mij uiterst simpel: de op jouw rekening gestorte ‘financieringen’ zijn in je diepe zakken verdwenen als ‘voorschot’ op je honoraria en te verwachte inkomsten. In plaats van te investeren in één van de genoemde projecten die jij mij voorspiegelde ‘investeerde’ ik hoogstwaarschijnlijk in de volgende corpulente maaltijd van Ted L.R. Brandjes. Terugbetaling van de investering en het rendement had je gepland uit je verwachte honoraria binnen één of twee maanden, maar dat viel wat tegen. Tot op de dag van vandaag heb ik slechts een zoethoudertje ontvangen, niettegenstaande de stroom van beloftes, meer beloftes en valse excuses. En meer excuses. En nog meer excuses.

Dit is een duidelijke beschuldiging aan jouw adres Ted. Ik daag je hierbij dan ook uit mij, en met mij de rest van de investeerders, het tegendeel te bewijzen – alvorens je aan je instinctieve, radeloze neiging gehoor te geven mij direct met advocaten en andere juridische maatregelen te bedreigen en te intimideren. Gewoon in de vorm van bankafschriften waaruit duidelijk blijkt dat mijn/onze stortingen integraal zijn overgemaakt naar de bedoelde investeringsdoelen. Het lijkt me niet meer dan een simpele en volstrekt legitieme vraag van een verontruste geldschieter. Moet voor de bonafide zakenman waarop jij je voorstaat te zijn toch geen enkel probleem opleveren.

De pot met goud… herenonderbroeken

De ‘gouden berg’ die hier beslist niet onvermeld kan blijven was het online verkopen van herenonderbroeken. Er moest een nieuwe webshop komen voor Tothem Underwear for Men.

Onder jouw bezielende leiding als projectmanager en ondersteund door je, inmiddels ex-, stiefdochter was het aan mij om het Tothem merk een positionering en een eigen gezicht te geven. Ook zou ik helpen met de structuur van de website en het schrijven van de teksten. De eigenaar van deze online onderbroekenhandel spiegelde je gouden bergen voor. Omdat mijn inkomsten zouden bestaan uit een winstaandeel zou ik, net als jij en de eigenaar Wolfgang Behonek overigens, slapend rijk worden. Met ingewikkelde scenario’s in intimiderende spreadsheets liet je ons allen de weg naar untold riches zien. Herenonderbroeken was immers een groeimarkt had je bedacht, met minimale concurrentie hield je ons voor en ‘ons’ marktaandeel zou explosief toenemen als gevolg van de nieuwe webwinkel. Na je enigszins tot bedaren gebracht te hebben en de conclusie dat de prestatie van de oude site de benchmark moest worden, werd met de nodige ups en downs de nieuwe site gebouwd.

Om een lang verhaal kort te maken, een ietwat vertraagd door de hoogst ongebruikelijke rechtsvorm van de Tothem operatie en je ex-stiefdochters vroegtijdige zwangerschapsverlof alsmede het maar niet geopend krijgen van een bankrekening, ging de nieuwe webshop geruisloos live.

‘I hate to tell you I told you so…but I did fucking tell you’ Ted, je ‘Field of dreams’-benadering van ‘build it and they will come’ is niet iets van deze tijd. Maar ja, mijn werk zat erop, de webshop was opgeleverd, ik stuurde mijn slotfactuur en wilde achterover leunen tot de cash mij zou overspoelen.

Buiten schot blijven

De ongebruikelijke rechtsvorm van Tothem Underwear for Men behoeft enige toelichting. De ‘eigenaar’ van deze webshop, Wolfgang Behonek, is in het dagelijks leven de hoofdvertegenwoordiger van een aantal merken herenonderbroeken: Olaf Benz, Manstore en Eros Veneziani. Deze merken zijn ook de bread-and-butter van de Tothem webshop. ‘Oneerlijke concurrentie’ vinden en vonden Behonek’s andere afnemers. Om hun zand in de ogen te strooien hebben jij Ted , en Wolfgang besloten tot een hoogst merkwaardige rechtsvorm, de Commanditaire Vennootschap. Het kenmerk van deze C.V. is dat één of meerdere aandeelhouders onzichtbaar blijven voor de geinteresseerde buitenwacht. Julllie schoven Richard Heufkens, een willoze slaaf van jouw Ted, naar voren als gezicht van Tothem. Et voíla, hiermee heeft Behonek zijn verhaal aan de buitenwacht dat hij het Tothem-merk en de website in licentie uit handen heeft gegeven. Heufkens krijgt een paar honderd euro voor zijn moeite, en Behonek strijkt stilletjes alle winst op. ‘Firma List & Bedrog’ denkt u, maar helaas een legale constructie.

This is not an American Story…

…it doesn’t have a happy ending.

De omzet bleef achter bij Teds prognose. Die prognose moest echter wel kloppen, want van Teds hand. Dus het moest aan andere factoren liggen. Wilde ik rijk worden van mijn veruit minderheidsaandeel in de winst dan moest ik verder aan de bak. Ted noch Wolfgang hadden immers geen flauw benul hoe je traffic, ons nieuwe toverwoord, naar de site moest krijgen. Ik eigenlijk ook niet, maar in het land de blinden en dommen… Iemand moest het voortouw nemen en om mijn aandeel in de winsten wat glans te geven besloot ik er een half jaar van mijn tijd in te steken. Voor alle duidelijkheid, ik was enkel ‘aangenomen’ een webshop op te tuigen.

Een vervelend en lang verhaal ingedikt tot de essentie: na verloop van tijd was ik erin geslaagd de omzet van de oude site te verdubbelen.

Toen raakte de shit de spreekwoordelijke fan. Ted had in al zijn wijsheid en tal van deals, ondanks toenemende onvrede en gedreig van mijn kant verzuimd te betalen. Er volgden vele doekjes voor het bloeden, maar mijn maat was vol.

Nadat ik Behonek had ingeseind wat de stand van zaken was verviel jij in je favoriete rol van de boze baby die zijn speeltjes uit de wieg pleurt. Toen volgde één van de meest macabere perioden die ik werkwijs gekend heb. Behonek die eerst besloot met mij alleen verder te gaan, toen besloot dat hij jou toch nodig had voor andere shady financiële deals en mij vervolgens voor het blok zette. Ik moest maar van mijn vordering op jou afzien en het terugverdienen middels het winstaandeel dat van jou naar mij over zou gaan. Twee halen, niks betalen. Geen wonder dat we niet verder tot zaken kwamen. Jij speelde inmiddels, met verve, de vermoorde onschuld.

Intussen had mijn Parkinson mij nagenoeg verlamd.

Enfin, We zijn nu weer ruim een jaar verder. Een jaar met talloze beloften je schulden aan mij te betalen.

Toen moet je gedacht hebben mij te kunnen afschrikken met het dreigement van een zaak tegen mij. Jullie, jij en Behonek willen een vergoeding voor ‘de geleden schade’ eisen. Vervolgens heb je mij getracht te chanteren: als ik af zou zien van mijn vorderingen zou ik deze zaak kunnen ontlopen.

Ted, mijn waarde, je hebt me nu al meermaals gedreigd met rechtszaken, advocaten etc.

Zoals ik je antwoordde: ‘bring it on!’

Maar het bleek zo hol te zijn als het vat dat jij bent. Nog geen piep van de ‘beloofde’ advocaat die binnen 24 uur contact met mij zou opnemen om mij de zakelijke etiquette bij te brengen…of erger.

Je laatste laag-bij-de-grondse dreigement

Om deze aanklacht tegen jouw persoon Ted voorlopig af te sluiten wil ik enkel je laatste, wanhopige maar tandeloze dreigement vermelden:

Meneer Brandjes, u bent een charlatan!

Wordt (ongetwijfeld) vervolgd…